“Sometimes we even are progressive and we listen with attention to the Mothers of Invention”…

De Nederlandse band Supersister zou je een fenomeen op zich kunnen noemen. De muziek is moeilijk te vergelijken met andere bands. De stijl: Europees, maar dan wel met invloeden van ‘buiten’: doo-wop, Zappa/Mothers of Invention, Soft Machine, maar ook uit klassieke hoek en dan met name Erik Satie. Lange muziekstukken met veel solo’s afgewisseld met korte, hilarische intermezzo’s. Songs over Nancy, een niet bestand meisje; theevisite bij de Wenteltrapdwerg; en teksten als sometime we even are progressive and we listen with attention to the mothers of invention (uit Corporation Combo Boys). Humor, gekoppeld aan fantastische muziek en her en der ‘versierd’ met cartoons is de ware aard van Supersister. De geest ook van een tijd.

Nederland eind jaren zestig is een land in beweging: regelmatig zijn jongeren in het nieuws: lang haar, meer vrijheid, baas in eigen buik, de Provo-beweging in Amsterdam, witte fietsen, soft-drugs, Phil Bloom, de eerste naakte vrouw op tv, en voor velen een voorliefde voor Science Fiction of de boeken van Tolkien. Jongeren zetten zich af tegen de wat zij noemen grijze en vastgeroeste maatschappij en zoeken alternatieven. De muziek van deze generatie weerspiegelt de drang naar vrijheid, naar vernieuwing, naar grenzen verleggen.
In Engeland maken de jongeren kennis met o.a. Pink Floyd en Soft Machine, bands die in de UFO-club urenlang improviseren en die de op de grond liggende luisteraars onderdompelen in een bijzondere combinatie van licht (de vloeistofprojecties van Mark Boyle) en geluid.

Een muzikale reactie in Nederland, een land dat qua ontwikkeling in deze periode vaak voorop loopt en bekend staat als tolerant, kan natuurlijk niet uitblijven. De jongeren zijn toe aan tegenhangers van het top40-genre dat in deze periode gedomineerd wordt door Beatles, Bee-Gees, Cliff Richard en zangers van het Nederlandstalige levenslied. Het antwoord komt van Supersister.

De geschiedenis van Supersister begint in 1965 het Grotius College in Den Haag. Dummer Marco Vrolijk heeft een schoolband genaamd ‘the Blubs”. De band bestaat uit Marco en vrienden Arnold Slagter (theekist-bas) en Gerhard Smid (gitaar, klarinet, zang). Robert-Jan Stips zit ook op deze school en staat bekend als eeuwige winnaar van alle culturele wedstrijden. Hij heeft al pianoles vanaf zijn vijfde en geeft meer dan eens blijk van een enorm talent. Toch is Robert-Jan vereerd met het verzoek van Marco om in The Blubs te komen spelen.
De band oefent op zolder bij Marco thuis en geeft her en der optredens. Die zijn vooral voor Robert-Jan vaak bijzonder, omdat er zelden een piano aanwezig is. In dat geval zingt hij of speelt mondharp.
In 1966 wordt de groep uitgebreid met Theo Nijenhuis op gitaar uitgebreid tot vijf personenen en wordt de naam veranderd in ‘Q-Provocation’, later kortweg ‘Provocation. In deze periode werkt Robert-Jan voor Morgenstond, een bedrijf dat ballet en operettes verzorgt. Van zijn salaris koopt hij een orgel. Provocation heeft een eigen manager in de persoon van Bart Spoelstra die op eigen verzoek, de muziekscene verandert voor hem te snel, wordt vervangen door Dick Zwikker.
Begin ’66 speelt steeds regelmatiger een nieuwe bassist mee: Ron van Eck. Hoogtepunt dat jaar is het optreden in de tuin van Paleis Soestdijk tijdens de verjaardag van koningin Juliana. De pers schrijft: “Beat muziek in paleistuin!”
In 1967 verlaat Theo de band en komen er twee nieuwe leden bij: Sacha van Geest (fluit) en Rob Douw (trompet, speelgoed en zang). Rob brengt de alternatieve scene en hippie-invloeden in de band en drukt daarmee een behoorlijk stempel op de toekomst.
De groep bestaat nu dus uit zes personen: Sacha, Ron, Marco, Gerhard, Rob en Robert-Jan. De groepsgeest is groot, wat blijkt als Robert-Jan’s orgel gestolen wordt. Iedereen draagt bij aan een nieuw en beter orgel.
De band zoekt naar nieuwe muzikale wegen, ze spelen een soort ‘ondergrond-muziek’ en voegen tijdens concerten dichters, dansers, bodypainters en een lichtshow toe. De invloed van met name Soft Machine is groot; de geluiden die Robert-Jan uit zijn nieuwe orgel haalt lijken direct afgeleid van die van Mike Ratledge (fuzz, wah-wah).
Rob Douw probeert in Den Haag een gigafantastische space-out happening te organiseren onder de naam “Sweet OK Supersister”. De happening gaat niet door, maar de naam blijft hangen en wordt gebruikt als nieuwe groepsnaam. Later afgekort tot Supersister.
Eind 1969 willen Robert-Jan, Sacha, Ron en Marco graag verder met muziek. Rob en Gerhard willen iets anders gaan doen. Hierdoor wordt de band een kwartet.
De vier leden zetten in Den Haag, naar voorbeeld uit Amsterdam, een underground-club op: Provadya?. In de club kan iedereen musiceren en treedt Supersister als huisband elk zondagavond op. Er is gelegenheid voor poezie, dans, theater, film, etc. Peter Sjardin van Group 1850 neemt een keer zijn manager/platenbaas Hugo Gordijn mee. Hugo neemt op zijn beurt Hans van Oosterhout, producer, mee. Beiden zijn onder indruk van Supersister en bieden aan in de lente van 1970 een single uit te brengen. Dat bleek niet zo gemakkelijk, de band speelde voornamelijk lange stukken en moest nu terug naar een minuut of drie. Hugo en Hans hadden het idee om een rustige of juist een heftige plaat te maken. Uiteindelijk werd het een mengeling van die twee en werd She Was Naked/Spiral Staircase de eerste Supersisterplaat.
        
In juni speelt de band op het Holland Pop Festival in Kralingen (Stamping Ground - bekend al het Europe
se Woodstock-festival). She Was Naked wordt een zomerhit en bereikt de elfde plek in de Top 40. Middels contacten van disc-jocky Willem van Kooten en platenbaas Fred Haayen tekent Supersister een contract voor een eerste elpee bij Polydor Records. Maar eerst moest er nog een nieuwe single gemaakt worden. Dat werd Fancy Nancy/Gonna Take Easy. Een zeer vreemde plaat: de muziek in parodie Elvis stijl, de titels verwisseld. De enige reactie was die van verbazing, succes bleef uit. Dat was gelukkig anders voor de in vier nachten onder leiding van Hans van Oosterhout opgenomen lp: Present from Nancy.

De plaat bevat vier lange stukken en het korte Corporation Combo Boys.
De hoes is allesbehalve uitnodigend: zwart met de Superzussen in een soort spagaat op de voorkant en op de achterzijde in een afgebrand bos. De binnenhoes is voorzien van stripfiguren alsmede teksten als: We’re not Perfect, We’re not Original, So If I were You I shouldn’t Buy this Record. Daarnaast de prangende vraag: Who is Nancy?. Voor de mensen die zich nog niet hebben af laten schrikken is de muziek een soort ontdekkingsreis: lange stukken, nauwelijks zang, farfisa-orgel, fuzz-bas, ijle fluitsolo's, kerkkoor, supersnelle drumriffs. Dromerig, maar ook aards, serieus maar steeds met een humoristische ondertoon. Ron zorgt voor de teksten, Robert Jan voor muziek.

Present from Nancy is de opener en bestaat uit twee stukken: Introduction/Present from Nancy. Het begint met een bijna Zuidamerikaanse slagwerkintro en heeft een lichtvoetig karakter. Nancy begint met fuzzbas en heeft een lange fluitsolo. Het tweede stuk, Memories Are New (Boomchick), bestaat uit drie delen: Memories Are New, 11/8 en Dreaming Wheelwhile. Memories heeft de eerste vocalen: "I sit and wonder why time is passing by… Try to live in the past…", maar al snel wordt het een spacey nummer met geluidseffecten. 11/8 zet je met een fuzzorgel weer op de grond om echter meteen in nog hoger sferen te komen met Dreaming Wheelwhile. Het is het eerste wat langzamere stuk met een prachtige fluitsolo en is de geest van Erik Satie duidelijk aanwezig. Eind van de eerste lp-kant. Kant 2 begint met het Zappa-achtige Corporation Combo Boys, compleet me Wild Man Fisher uithaal en gastoptreden van Gerhard Smit op gitaar. Metamorphosis bestaat ook uit drie stukken: Mexico, Metamorphosis en Eight Miles High. Mexico klinkt als het intro van een film en eindigt als een stuk van een rustig lied. Metamorphosis verstoort die rust met een fuzzbas-solo. Eight Miles High and the living is Easy is de korte (0:20) slotboodschap en opnieuw gaan we ‘zweven’ met Dona Nobis Pacem, een stuk van Hans van Oosterhout en Supersister. Een Gregoriaans begin brengt de muziek into space met fluit en echo-effecten. Maar dat is schijn want dan komt er plotseling een krankzinnig riedeltje op het orgel met clavecimbel-effect en eindigt de droom in een enorme slag op de gong. Tijd voor iets nieuws?

Get the Flash Player to see this player.

music "Seven ways to die"

"The more you feel you've grown, The more you feel alone"

Na een wat langere aanloop op de middelbare school en enkele personeelswisselingen was de eerste single van Supersister, She Was Naked, in 1970 een zomerhit. Robert-Jan Stips, Sacha van Geest, Ron van Eck en Marco Vrolijk maakten onder leiding van Hans van Oosterhout hun eerste lp: Present from Nancy. Die plaat bleek een groot succes. Het geluid van Supersister, progressief, lange stukken, veel variatie en tempowisselingen bleek heel goed de tijdsgeest te vangen. Op zoek naar vrijheid en grenzen verleggen, ook in muziek. Supersistermuziek was dan wel serieus, maar had een humoristische ondertoon waarbij ze zichzelf niet spaarden.

Het opzoeken van grenzen was ook het thema van de studenten. Niet voor niets steunde Supersister de Vietnam Festivals en tradt regelmatig op bij protestdemonstraties. Daarnaast doorliepen ze als band het hele Nederlandse zalen- en clubcircuit. In deze fase ontstaat het nummer Wow. De groep die als intelligent bekend staat, of intelligente muziek maakt reageert op deze veronderstellingen door een zogenaamd intelligent nummer te maken. Robert-Jan kondigt het nummer op zijn eigen wat cynische manier ook aan als het intelligente nummer: “De tekst van dit intelligente nummer is dan ook heel intelleigent, namelijk voornamelijk de woorden: wow, wow en nog eens….. reacties uit de zaal: Wow. Goed zo! Daarna barst het nummer los en heb ik regelmatig mensen compleet uit hun dak zien gaan. Bijzonder, want Supersisterconcerten waren vaker zit- en ligconcerten.

Niet alleen werd Supersister door studenten gedragen, ze werden ook gezien als de vaandeldragers van alternatieven en hadden het langste haar van de bands die op dat moment in Nederland populair waren, met uitzondering van Wally Tax dan.

Na Nederland volgden concerten in Duitsland, Frankrijk, ItaliŽ en Engeland. In Engeland maakte Supersister indruk op niemand minder dan disc-jockey John Peel. De populaire Peel had net een eigen platenlabel opgericht, Dandelion. Supersister was de tweede act van het vaste land die hij voor zijn label contracteerde. Present from Nancy wordt ook uitgebracht in Amerika, net als She was Naked, alleen wordt de titel speciaal voor de preutse Amerikaanse markt veranderd in Dona Nobis Pacem.

De populariteit van de groep wordt ook bij de omroepen opgemerkt. In februari maakt de VPRO opnamen in kasteel Groeneveld, Baarn en verzorgt aldus het eerste tv-optreden van de band. Het is een muzikaal project waarin elke donderdagavond een groep centraal staat. Supersister speelt oud werk: Introductions en Present from Nancy en een nieuw stuk: A Girl Named You.
Later in het jaar spelen ze op het steeds populairder wordende Pinkpop-festival.

Als opmaat voor de tweede lp, ook voor Polydor, brengt de groep onder druk en protest opnieuw een single uit: A Girl Named You/Missing Link. De plaat doet volgens de verwachting helemaal niets en lokt zelf de vraag uit of je dit soort muziek wel op single uit moet brengen.

De nieuwe lp, To the Highe$t Bidder (met dollarteken) is opgenomen in juni en juli 1971 en doet het veel beter dan de single. In tegenstelling tot de eerste hoes oogt de nieuwe minder grauw. De geel getinte buitenzijde met twee ogen die letterlijk geld zien wordt zelfs bijna ingetogen aan de binnenzijde: vier zwartwit foto's van het viertal. Opnieuw is Hans van Oosterhout de producer. Hans wordt in interviews met de band regelmatig het vijfde groepslid genoemd; een bijzonder compliment.

Op To the Highest Bidder staan nog maar vier stukken. A Girl Named You zet meteen de toon van de plaat. De snelle ritmes blijven, veel en lange fluitsolo’s, tempowisselingen, xylofoon, een wat typisch clavecimbel gebruik en iets meer, maar nog steeds weinig, zang. No Tree Will Grow (on too high a mountain) is een wat minder lichtvoetig nummer, het begint met zware elektronische klanken en ook de tekst is niet optimistisch:

life is no good friend
good friendship never ends
the more you feel you've grown
the more you feel alone
start boasting your friends away
you think that is life 'your way'
though you know
no tree will grow on too high a mountain.

Deze wat pessimistische visie beheerst ook de andere teksten van dit album. In A Girl Named You is te horen: "you think you’re living, but live’s living you..." en het nummer eindigt met: "We’re Alone". In Higher: "She couldn’t get much higher, so she lit her own true fire…" En ook Energy schetst een somber beeld: "Since we got no real fair choice, we better let the whole world to the streams"....

Kant twee van de lp opent met het al genoemde, lange stuk Energy (out of future). Het is een van de meest typische Supersisterstukken met alle ingrediŽnten voor het zo typische geluid; niet alleen de langere solo’s, maar opnieuw een space-stuk vol geluidseffecten. Higher, het korte sluitstuk, is na het lange stuk een prachtig melodisch stuk om bij te komen, maar dan moet je even niet naar de tekst luisteren.

Alle muziek is geschreven door Robert-Jan: “Ik kom met allerlei thema’s en die plakken we met z'n vieren aan elkaar. Soms is het nog een heel uitzoekwerk omdat we zo verschillend zijn, maar we komen er altijd uit.” Het feit dat er niet echt een zanger is, is ook niet heel belangrijk: “We hebben geleerd ermee te leven, maar uiteindelijk is het instrumentale gedeelte voor ons het belangrijkste.”

Op de vraag waarom ze dit soort muziek maken antwoordde Sacha van Geest: "We kunnen ons zo veel beter uiten en ook omdat ik het fijn vind. Wij maken de muziek 75% voor onszelf en 25% voor publiek. Het is leuk als mensen ons vragen om iets te spelen wat zijzelf leuk vinden."

Ron van Eck en Robert-Jan vinden de nieuwe plaat mooi en ook meer een eigen stijl hebben: "Present from Nancy was meer een afsluiting van een periode; een soort document. De nieuwe plaat is serieuzer, minder humor. Popmuziek is een afspiegeling van de maatschappij, vandaar misschien."

Ondertussen krijgt Supersister de kans om met een orkest te werken. Het is een project in Duitsland, verzorgt door de NDR. Robert-Jan en Ron schreven en arrangeerden er speciaal nieuwe nummers voor (*uitgebracht in 2000 als onderdeel van de limited edition cd Memories Are New – SOSS Music). De band wordt begeleid door het Tanz- und Unterhaltungsorchester des NDR onder leiding van Alfred Hause. Ondanks de toevoeging van het orkest blijft de muziek heel typisch Supersister.
Robert-Jan wil niet altijd in hetzelfde doen, het is juist goed om andere dingen, buiten de gangbare paden, aan te pakken. Zo meldt hij al dat in de nabije toekomst de groep gaat werken met het Nederlands Danstheater; met een soort modern ballet, maar hoe en wat is nog niet bekend.

Na het maken van de tweede plaat gaan allerlei geruchten over een uitbreiding van de groep. Ex-Brainbox gitarist John schuursma zou de groep komen versterken. Er zijn inderdaad contacten geweest, maar het komt niet tot een nieuw groepslid. Wel blijft de groep zoeken naar nieuwe geluiden en mogelijkheden, zo is Sacha druk bezig met saxofoonlessen. Het instrument zou- zo zegt hij -  al snel op het podium te horen moeten zijn.

Als promotie van TtHB wordt er toch nog een nieuw single uitgebracht: No Tree Will Grow (on Too High a Mountain)/The Groupies of the Band. No Tree is een kortere versie van het stuk van de lp, de B-kant is een humoristische parodie helemaal in Supersisterstijl. Producer Hans van Oosterhout draagt bij aan de vocalen. Net als de vorige single gebeurt er natuurlijk helemaal niets met de plaat, ook op de radio is de single nauwelijks te horen.

Supersister heeft zich inmiddels gevestigd als lp-groep, of groep van de betere en langere nummers. Jammer genoeg gaat de Edison net aan hun neus voorbij. De vraag die menigeen bezighoudt is of de band dit niveau met een volgende plaat opnieuw kan waarmaken. Een andere vraag is of het ontbreken van de zo specifieke Supersister-humor de muziek niet te zwaar aan het maken is. To the Highe$t Bidder laat duidelijk merken van niet; de plaat izou je kunnen zien als onderdeel van een groeifase. Het uitkristaliseren daarvan zou op de volgende plaat te merken moeten zijn.

 

 

Get the Flash Player to see this player.

“It's really hard today to find some truth. There's even acid in your apple juice”…

It's really hard today to find some truth
there's even acid in your apple juice
I don't think it's too hard to understand
there are people who don't even trust a helping hand
They prefer to drawn in water than in the drifting sand
Some of them have already cast their dice
they hide in alcohol or Jesus Christ
And others grew completely out of bounds
now the festival of violence is all around
and the cry of one's despair is no more than a sound

Al met de samenwerking met het NDR-Orchester (zie To The Highest Bidder) gaf Robert-Jan aan ook buiten de gevestigde paden te willen kijken. Hij liet ook al weten dat Supersister in de nabije toekomst zou gaan samenwerken met het Nederland Danstheater met als doel een modern ballet.
Die samenwerking komt er inderdaad. Het plan is om in maart 1972 in het Circustheater in Scheveningen een uitvoering te geven van een ballet. Choreograaf is Frans Vervenne en het stuk zou onder de naam “Signalen” zijn premiere bleven met als bijzondere toevoeging het live spelen van de muziek door Supersister in de orkestbak. Robert-Jan heeft laten weten dat het stuk dat hij schrijft voor het ballet ook op de nieuwe lp terecht komt. Opmerkelijk is de geldbijdrage van het Ministerie van cultuur, CRM, om het project daadwerkelijk uit te kunnen voeren.
Op vrijdag 3 maart is de premiere. De titel Signalen is vervangen door ‘Pudding en Gisteren”. De namen komen van een oerhollandse mop.
Het ballet, verzorgd door Walter Nobbe, speelt in een decor van felle kleuren en visuele projecties op een grote achterwand. De combinatie van popmuziek en ballet wordt door iedereen geslaagd genoemd: "De muziek was prima, het ballet kwam wat rommelig en chaotisch over", maar het was – volgens de kenners –een afrekening van een onrustige periode uit Vervenne’s leven. Het Danstheater gaat met de voorstelling op toernee, maar dan zonder Supersister.

Supersister gaat in maart naar Engeland, waar ze op de 20e het balletstuk in de John Peelshow spelen. Het wordt op 3 april uitgezonden.
Parallel aan de voorbereiding voor het ballet vinden de opnames plaats voor Supersisters derde lp, opnieuw in samenwerking met Hans van Oosterhout. De plaat heeft inmiddels dezelfde naam als het balletstuk: Pudding & Gisteren en komt voor de zomer uit. Net als het ballet oogt de hoes heel vrolijk, met felle kleuren. De hoes is ontworpen door Wouter Stips, Robert-Jan’s oudere broer. De voorzijde van de hoes heeft een kijkgat naar enkele stripfiguren. De binnenkant is een compleet stripverhaal, getekend door Wouter. De strip verwijst naar het ballet, maar laat ook een kritische noot zien richting muziekindustrie: "Its allright as long as it $wing$". Op de achterzijde staat een foto van Ron van Eck tijdens de balletvoorstelling; hij deed mee aan het ballet op het podium. Geen teksten, geen informatie??? Jawel, maar daarvoor moet letterlijk de hoes opengesneden- of geknipt worden. Aan de grijze binnenzijde waar normaal niets zit staat alles: songsteksten, wie en wat en een aantal foto’s van de band. Zeker voor deze tijd zeer bijzonder!
Pudding en Gisteren wordt zowel in Engeland als Duitsland uitgebracht onder de titel Pudding & Yesterday.

De lp opent met met Radio, een pakkend nummer dat ook op single uitgebracht wordt (b-kant: Dead Dog). Onverwacht scoort de single goed en komt tot de 21e plek in de top40. De humor is duidelijk terug op deze plaat, Supersisterretsisrepus (draai dit woord eens om) is een heel kort intermezzo op weg naar Psychopath. De zwartgallige teksten die we al kennen van de tweede plaat To the Highest Bidder worden hier voortgezet.





It's really hard today to find some truth
there's even acid in your apple juice
I don't think it's too hard to understand
there are people who don't even trust a helping hand
They prefer to drawn in water than in the drifting sand
Some of them have already cast their dice
they hide in alcohol or Jesus Christ
And others grew completely out of bounds
now the festival of violence is all around
and the cry of one's despair is no more than a sound

De eerste kant van de lp eindigt met Judy Goes on Holiday. Judy rijdt motor want ze scheurt meteen weg, maar er staan heel wat avonturen te wachten. Het nummer lijkt te eindigen met een minutenlange stilte. Als je echter geduldig blijft luisteren komt daarna nog een nummer in de stijl van Gonna Take Easy en Fancy Nancy: Oohwee, I love you baby. En wat nog kon met lp’s: het stuk loopt door in de uitloopgroef en eindigt abrupt als de arm met de naald omhooggaat.
Heel kant twee is voor de balletmuziek van Pudding en Gisteren. Het is een typisch Supersisterstuk, snelle ritmes, veel wisselende tempo’s. lange fluitsolo’s, elektronica, vervorming; kortom avontuurlijke muziek die overeenkomstig de vorige twee platen eindigt met een meditatief fluitstuk met dank aan Erik Satie.

Zoals sommige leden al na de vorige plaat lieten weten zijn er op Pudding & Gisteren nieuwe instrumenten te horen, Sacha speelt nu ook tenorsax en Ron speelt gitaar. Ook nieuw: bijna iedereen zingt op Radio.

Pudding en Gisteren is een prachtige plaat, misschien wel de mooiste of beste van Supersister. Dat vinden niet alleen de fans, maar dat vindt ook de jury van de Edison Awards. Ging de Edison voor To the Highe$t Bidder hun neus net voorbij, deze is verdiend. Alhoewel de band in de peroon van Robert-Jan er iets anders over denkt. Supersister weigert te belanden in de hoek van gerenommeerde prijswinnaars. Het ‘protest’ vindt plaats op de TV. Tijdens de uitreiking door de gerespecteerde presentator Willem (o') Duys laat Robert-Jan de prijs, een zwaar beeldje, bijna op de voet van Duys vallen. En in plaats van het verwachte lied Radio spelen ze de doowop pastiche-song Oohwee I Love You Baby. Met Robert-Jan op bordkartonnen-orgel... Menigeen moet zich verbijsterd hebben afgevraagd waarom deze groep een Edison ontving. De ‘echte’ fans hebben vermoedelijk vreselijk gelachen.
Er is ook kritiek, een band die ‘weigert’ zich commercieel op te stellen kan ook niet groeien naar met name het buitenland. De band heeft daar geen enkel probleem mee. Jaren later blijkt dat Supersister in Engelse (Canterbury-) en in Amerikaanse kringen  (Progfest) een cultstatus heeft.

Na de plaat volgt natuurlijk een toernee. De groep is behoorlijk populair en de aanhang lijkt groeiend. Op 10 Maart 1973 is er een groot muziekspektakel in de Vliegermolen in Voorburg. Bands die een Edison gewonnen hebben treden hier met enkele nummers op. De voorstelling is live op tv te volgen en duurt een hele avond. De lijst van bands die er staan is lang, een indrukwekkend: Eagles, Slade, Rod Stewart, Colin Blunstone, Rory Gallagher, Ry Cooder, Chi Coltrane en als afsluiter The Who. Tussen al die buitenlandse acts de Nederlandse Livin' Blues, Kaz Lux en Supersister. Supersister zorgt opnieuw voor ophef. Als het hun beurt is spelen ze een heel klein stuk van Pudding en Gisteren en verlaten vervolgens zonder verdere aankondiging het podium. De aktie komt breed in de (pop-)pers. De groep is boos op met name Chi Coltrane (hitjes Thunder and Lightning en Go Like Elijah). Chi heeft niet alleen haar repetitietijd, maar ook die van Supersister gebruikt. Supersister kon naar eigen zeggen geen goed geluid neerzetten en verliet dus voortijdig het podium.

In 1973 komt opnieuw een single uit in de hoop net zo succesvol te worden als Radio. Er is gekozen voor Wow (studio versie)/Drs. D. Het plaatje blijft totaal onopgemerkt. In hetzelfde jaar brengt platenmaatschappij Polydor een compilatieplaat van de band uit; Superstarshine Vol. 3 (nr. 3 in een reeks van supersterren). Voor de fans, die natuurlijk alles hebben, is het niet alleen vanwege de geringe prijs toch een aangename plaat; er staat namelijk ťťn belangrijk nieuw nummer op: Wow, het intelligente nummer, maar nu live!. Het duurt maar liefst dertien minuten en is opgenomen tijdens het Holland Festival op 1 juli 1972. De rest van de nummers is bekend: She Was Naked, Missing Link, I'm Gonna Take Easy, Wow (The Intelligent Song) [Live], The Groupies of the Band, Spiral Staircase, Fancy Nancy, A Girl Named You, No Tree Will Grow.

De mensen die alle singles hebben vinden alleen in Wow een prettig extra, voor de nieuwere fans is deze verzamelplaat een prachtig plaatje, immers alle singles staan erop.

De verzamelaar verhult het feit dat het met Supersister minder goed gaat. De band lijkt op een kruispunt te staan. Het leidt niet alleeen tot een splitsing, maar ook tot een nieuwe episode van het verhaal.

“What is fame to those who know you?”

Na drie succesvolle platen, een stijgende populariteit, tournees in het buitenland, aandacht op tv, enz. is het tijd voor bezinning. Met die bezinning komen de verschillende visies sterker dan ooit naar voren. De vriendengroep van weleer is veranderd in een bedrijf; een bedrijf dat moet groeien om verder te kunnen. Ron en Robert-Jan vinden de muziek van Supersister te vastgelegd en willen meer de richting uit van de meer geimproviseerde muziek. Ze vinden de huidige muziek te steriel. Marco en Sacha denken daar anders over. Het materiaal voor een nieuwe plaat, geschreven door Robert-Jan en Ron wilde ook maar niet klinken zoals zij het in hun hoofd hadden. Het gevolg is een breuk in de band: Sacha en Marco stappen op. Sacha wil eindelijk zijn studie Grafische Vormgeving afmaken, Marco wil andere dingen doen in muziek, misschien wel een ander band. Er wordt in de pers een officiŽle einddatum voor deze versie van Supersister gegeven: 1 augustus 1973.

Robert-Jan en Ron hadden inmiddels in Engeland de bekende Manor Studio gereserveerd en al afspraken gemaakt met producer Giorgio Gomelski. Ze moeten dus snel op zoek naar nieuwe muzikanten.

Een nieuwe drummer wordt gevonden in de persoon van Herman van Boeyen. Als nieuwe blazer wordt de uit de in de jazzwereld bekende Charlie Mariano aangetrokken. Charlie speelt saxen, fluit, basklarinet en oosterse instrumenten als bv. de nathasuaram (hobo-achtig instrument uit India). Hij speelde bij Stan Kenton en Charles Mingus, maar ook als gastmuzikant bij talrijke jazzgroepen.
In oktober wordt de nieuwe plaat opgenomen. Giorgio drukt zijn eigen stempel op het geluid van de band en dat heeft gevolgen voor het groepsgeluid. Simon Heyworth blijkt een zeer professionele geluidstechnicus; er wordt veel werk gemaakt van de nieuwe plaat. Pierre Moerlin, slagwerker bij de dan nog kosmische band Gong, speelt mee als gastpercussionist.

De richting die Supersister opgaat is meer jazz georiŽnteerd. Popdrummer Herman blijkt de omschakeling naar jazz makkelijk te kunnen maken. Het nieuwe geluid is te horen op de vierde lp: Iskander.

Iskander, die in december 1973 verschijnt, is een thematische plaat rondom Alexander de Grote. Het gevecht tussen twee culturen, enerzijds westerse logica en anderzijds oosterse magie en mysterie. Met name Charlie neemt middels zijn blaasinstrumenten het oosterse element voor zijn rekening . De muziek klinkt - tegenstrijdig aan eerdere opmerkingen van Robert-Jan en Ron - behoorlijk gestructureerd. De plaat wordt gezien als basis om live meer ruimte te kunnen bieden aan improvisaties. De bekende Supersister klank is veranderd in een wat minder lichtvoetig, meer klassieke structuur met jazzy en hier en daar zelfs wat funky klanken. De saxen en nieuwe keyboardklanken domineren het geluid. Alleen het opnieuw rustige slotnummer, Looking Back - met Sacha op fluit - ademt de sfeer van een ‘oude’ Supersister.

Voor veel fans is het wennen, de humor is weg. De hoes weerspiegelt dit: stemmig zwart (opnieuw) met een oosters aandoende binnenzijde. Supersister is duidelijk veranderd. Toch wordt de plaat aardig verkocht, maar dat komt mede door de vaste groep fans.

Een nieuwe single Bagoas/Memories Are New brengt weinig verschil in de verkoop, ook deze single doet (natuurlijk) wederom niets.

De nieuwe band speelt veel, maar het lukt eigenlijk niet om er een nieuwe eenheid van te maken. Ja, het swingt meer, het is fijner voor het publiek (zeggen ze). Robert-Jan vergelijkt de nieuwe band met verse groenten, de oudemet ingeblikte.
Twijfel. Herman bleef onzeker over zijn eigen kwaliteiten als jazzdrummer en heeft meer moeite dan gedacht met de meer en meer op improvisaties gerichte muziek. Charlie voelde zich om precies de tegenovergestelde reden onvrij. Hij kon juist te weinig kwijt in de door de structuur van een popgroep vastgelegde kaders van een song of thema. Daarnaast was hij altijd vrij geweest om met iedereen te kunnen spelen en dat wilde hij blijven doen. Dat bleek nu niet meer mogelijk, soms botste dat met de optredens van Supersister.
Robert-Jan blijft echter optimistisch, er staat een groot optreden gepland in Poitiers met live-opnamen voor Radio Luxemburg, gevolgd door een toer door Frankrijk. "Frankrijk is voor ons beter dan Duitsland of Engeland", concludeert Ron van Eck. Er wordt een nieuwe plaat met live-muziek aangekondigd, maar die is er nooit gekomen.

Begin 1974 verlaat Charlie vrij plotseling de groep. Robert-Jan snapt dat een vrijbuiter niet lang in een vaste structuur als Supersister kan blijven werken: "Het feit dat hij een half jaar gebleven is mag al bijzonder genoemd worden." Door het vertrek ontstaat een nieuwe situatie waarin Supersister en trio is die regelmatig met gastmusici speelt. Zo spelen John Schuursma (gitaar), Rob Kruisman (saxen) en Fred leeflang (saxen) een tijd mee, maar worden geen vaste nieuwe leden.
De grote verrassing is het toetreden van ex-Soft Machineblazer Elton Dean. Maar ook hij wordt niet een echt vierde lid. Elton heeft meerdere projecten lopen, ook in Londen. Hij speelt daar het liefst in de muziekscene rondom met Keith Tippett. Elton: “Sinds ik uit Soft Machine ben heb ik besloten om met zoveel mogelijk mensen te spelen. Dat is goed voor je, dan blijf je alert.”

Door zijn toetreden leek de Supersisterdip weg en had de internationale pers weer volop aandacht voor de band. Live gaat de groep meer en meer de kant op van een freejazzband met rockinvloeden. Het publiek haakte echter af, het had duidelijk de voorkeur voor het oude geluid of de oude band.

Langzaamaan valt Supersister uit elkaar, zelfs Robert-Jan voelde zich er niet meer prettig bij. Zijn nieuwe composites waren nauwelijks meer in te passen in de geimproviseerde stukken. Toen Cesar Zuiderwijk van Golden Earring hem in juli 1974 dan ook vroeg om over tien dagen met de Earring mee op toernee door Amerika te gaan was de keus snel gemaakt. Met die beslissing viel het doek voor Supersister. Elton ging nog kort aan de slag met Georgie Fame om daarna terug te keren naar zijn eigen jazzscene in Londen, Herman vertrok naar de nieuwe bluesrock band van Eelco Gelling en Harry Muskee en Ron nam zijn studie weer op, maar richt later toch weer een - kortlevende - nieuwe band op; Stamp ’n Go.

Einde Supersister?

Nog niet. Sacha van Geest brengt in 1974 onder de verwarrende naam Sweet Okay Supersister de lp Spiral Staircase uit. Op de plaat doen zowel Robert-Jan Stips en Ron van Eck mee, naast talloze andere musici overigens. Het is een bijzondere plaat die juist de humor heeft die de laatste Supersisterplaat mist. Ook het geluid heeft iets weg van een Supersister-plaat, maar er zijn andere invloeden hoorbaar, waaronder tropische. De vrolijke sound van gastspelers Los Alegres resulteert zelfs nog in een single: Coconut Woman/Here Comes the Doctor. De Caribische sound van de plaat zorgt voor een bescheiden hitje. Sacha organiseert bij het live uitvoeren van zijn project een heel spektakel, compleet met mandolines, doedelzakken, verkleedpartijen, straatgeluiden en natuurlijk een Caraibisch strand. Hij zelf speelt in een bananenpak... Tijdens het concert kwam een oude bekende langs, het nummer Present from Nancy bleek de openingssong. Na het concert was het echt over.

Of toch niet?

Zomaar, plotseling kwam er in 2000 een email binnen met de vraag of Supersister nog bestond en zo ja, of ze wilden spelen op het Progfest in Los Angeles. Nee, Supersister bestond eigenlijk niet meer, maar een emotioneel weerzien tijdens de begrafenis van Dick Zwikker (hun voormalig manager) had wel wat losgemaakt. Ze mailden spontaan terug dat ze graag wilden komen. Dat betekende wel oefenen en oude instrumenten opzoeken of terugvinden. Na 27 jaar was de vonk
plotseling terug en hadden ze alle vier veel plezier om opnieuw hun oude werk te spelen. Repetities vonden plaats in Sacha’s kantoor. Er kwamen enkele try-outs in Nederland en vervolgens was er groot succes in Amerika. Terug in Nederland werden er in december 2000 een aantal concerten in Groningen, Tilburg, Den Haag en een bijzonder concert in Paradiso gegeven. In Paradiso werden cd- en filmopnamens gemaakt.

 


Get the Flash Player to see this player.

"Als opwarmer voor de cd/dvd van dat concert kwam er een limited edition cd op de markt: M.A.N. (Memories Are New). Daarop oud werk live uitgevoerd, eindelijk het concert met het NDR-orchester en meer historisch materiaal als de 6 Blauwe dwergen, gezongen in het Nederlands!
Het Paradisoconcert wordt begin 2000 uitgebracht op cd (Supersisterious) en dvd (Sweet Okay Supersister). De cd laat alle oude stukken horen, merkwaardig genoeg staat er geen enkel stuk op van Iskander. De dvd laat zien hoe de Amerikanen en vele anderen enthousiast reageren op de band. Daarnaast is de dvd aangevuld met veel foto’s en historische tv-opnamen, dat zijn er niet veel, want bijna alles blijkt gewist. Het gaat weer goed met Supersister en er komen plannen voor een vervolg, nieuwe concerten, nieuwe stukken wellicht?

Dan, geheel onverwacht, overlijdt Sacha op 29 juli 2001. Zijn dood betekent het definitieve einde van Supersister.

Echter, na ruime tijd is er een kort optreden op de Nederlandse televisie (2010) met het overgebleven trio. In het kader van VPRO Popnacht Effenaar Eindhoven September 2010 spelen ze She Was Naked. Het samenspelen bevalt zo goed dat er voorzichtige stappen gezet worden om tijdens Nearfest 2011 op te treden. Het overlijden van Ron van Eck op 20 juli 2011 steekt daar een stokje voor. Ron heeft dan een zeven jaar lange strijd met zijn ziekte achter de rug. Het leek beter te gaan, maar helaas. Dat halveert de originele groep. Zoals op de site van Supersister geschreven wordt: zonder Ron geen Supersister.
 
Met de geremasterde releases van Esoteric Records kunnen we alles weer opnieuw beleven. Die houden de herinnering vast onder het motto: 'Memories Are New!'

Paul Lemmens

Get the Flash Player to see this player.